Koperwiek


De Koperwiek

Deze week kwam ik de Koperwiek tegen in de Gaas, dit is de eerste keer dat ik hem heb kunnen fotograferen in 25 jaar fotografie.

De koperwiek is een kleine lijster, met een opvallende wenkbrauwstreep en opvallende roestbruin/oranje flanken en oksels.
De soort is vaak te horen tijdens de trek in oktober/november, als ze ‘s nachts in grote groepen over de Lage Landen trekken.
Koperwieken zijn vaak te zien in gezelschap van andere lijsters, meestal kramsvogels.
Koperwieken zijn wat kleiner dan kramsvogels en hebben een donkere oogstreep, met daarboven een scherp afgetekende witte wenkbrauwstreep.
De ondervleugels zijn ‘kopergekleurd’. Kramsvogels zijn groter, hebben een grijze kop en grijze stuit, een erg vage wenkbrauwstreep, en witte ondervleugels en oksels.
Het geluid van beide is ook anders. Koperwieken maken een hoog langgerekt ‘tjiehhh’ geluid.
In Noord-Europa is de koperwiek een talrijke broedvogel van naald- en berkenbossen. In de winter trekken ze, meestal ‘s nachts, naar het zuidwesten.
Veel koperwieken blijven in Nederland overwinteren.
Wanneer de winter te koud wordt, verlaten ze het land weer en trekken verder naar het zuiden, of verplaatsen ze zich naar de stad, waar het warmer is.
Koperwieken komen in Nederland en Belgiƫ alleen om te overwinteren. Broeden doen ze in het hoge noorden.
De koperwiek heeft een beperkt broedgebied en daardoor is er de kans op uitsterven.
De grootte van de populatie werd in 2015 door BirdLife International geschat op tientallen miljoenen individuen, maar de aantallen nemen af.
Om deze redenen staat deze soort sinds 2015 als gevoelig op de Rode Lijst van de IUCN.

Bron Wikipedia Foto Tonnie Verheijden